Gerard Walschap was onderwijzer te Buggenhout...


Toevallige vondst

In het “Album Gerard Walschap”, een soort fotoalbum dat over deze bekende en veel gelauwerde romanschrijver uit Londerzeel werd samengesteld, lees ik toevallig op pagina 17 dat hij in zijn beginperiode enkele interimopdrachten als onderwijzer heeft vervuld. Onder andere in 1922 in... Buggenhout!

Daar had ik nooit van gehoord. Ik vroeg me af of het misschien bij mijn grootvader Emile Otten kon zijn geweest in het jongenspensionaat Instituut Otten, dat toen in Buggenhout nog actief was. Jammer genoeg zijn de archieven van het pensionaat verloren gegaan. Toen in de nazomer van 2002 de laatste klaslokalen in de Pastorijstraat werden ontmanteld met het oog op renovering en ombouw tot sociale appartementen, hebben een paar medewerkers van Ter Palen tevergeefs nog een ultieme inspectietocht gehouden op de zolders op zoek naar oude documenten en schoolvoorwerpen.

Toevallig heb ik intussen zelf het antwoord gevonden in de gepubliceerde brieven van Gerard Walschap. Op pagina 15 van “Brieven 1921-1950” wordt vermeld dat de jonge Walschap in de loop van 1922 enkele algemene vakken heeft onderwezen bij de Broeders Hyëronimieten te Sint-Niklaas en op de privaatschool Tanghe te Buggenhout. Dus niet bij Otten, noch in de gemeenteschool.

Heemkring Ter Palen, kostschool Tanghe, Buggenhout

Waarschijnlijk herkent u in de gebouwen van de “Kostschool voor Jongens A. Tanghe” op deze oude prentkaarten nog wel de café De Ton, D’ Oude Post en (onderaan rechts) het voormalige stationsgebouw.

Heemkring Ter Palen, kostschool Tanghe, Buggenhout

Enkele maanden later krijgt Gerard Walschap een baan in Antwerpen bij de uitgeverij en bestelboekhandel Het Vlaamsche Land, als redactiesecretaris van het weekblad met dezelfde naam. Zo komt Walschap definitief in de literaire wereld terecht en schrijft hij al in 1923 zijn debuutbundel “Liederen van Leed”, ingeleid door Jan Hammenecker, nog een dichter uit onze streek.

Het is het begin van een zeer lange literaire loopbaan, met populaire romans als “Houtekiet”, “Een mens van Goede Wil” enz... Het maakt Walschap tot de meest gelezen romanschrijver van zijn tijd, zeker in onze streek. Zijn verhalen zouden zich evengoed in ons Buggenhoutse dorp van toen hebben kunnen afspelen. Levende heemkunde als het ware, het volkse taalgebruik en de stijltrant inbegrepen.

Weldra geniet hij internationale bekendheid en hij wordt tot driemaal toe genomineerd voor de Nobelprijs literatuur. In 1955 schrijft hij een open brief “Salut en Merci”, waarmee hij de katholieke kerk voorgoed de rug toekeert om voortaan als een notoir vrijdenker door het leven te gaan. 

In Buggenhout daarentegen is Gerard Walschap nog wel teruggekeerd. Op 26 juni 1968 was hij in Opdorp een van de gastsprekers bij de onthulling van de gedenkplaat aan het geboortehuis van zijn vriend professor 
dr. Edgard Blancquaert in de Brusselmansstraat. In de namiddag ontving de toenmalige burgemeester Adolf De Landtsheer de auteur en een delegatie genodigden van het huldecomité Blancquaert op het gemeentehuis van Buggenhout voor een academische zitting. Ik weet niet wat Gerard Walschap bij die gelegenheid als afscheid heeft gezegd. Misschien waren het wel de woorden die ook zijn grafsteen op het ereperk van de begraafplaats Schoonselhof in Antwerpen sieren: “Dag mensen, dat ‘t welga”. Woorden die ook veel Buggenhoutenaren bij het weggaan tot vrienden zeggen.

Jos. van Stappen


Terug naar ARCHIEF: Gepubliceerde artikels